Jasmine Wood - Piano Reverb (08-03-2024)
De titel van dit album klinkt op het eerste gezicht vrij eenvoudig. Een piano en wat galm, daar moet het ongeveer mee gebeuren. Maar wie denkt dat dit een verzameling rustige pianostukjes is, komt bedrogen uit. Wood heeft een heel andere bedoeling. Ze neemt een vertrouwd instrument en haalt er eigenschappen uit die ik niet meteen met een piano zou verbinden.
Het album verscheen op 8 maart 2024 bij het Britse label AD 93. De opnamen werden gemaakt in een leegstaande kerk in Dublin, waar Wood gedurende een jaar werkte met een meer dan honderd jaar oude Blüthner-vleugel. Dat gegeven alleen al spreekt tot de verbeelding. Een oude piano in een verlaten kerk: je hoeft er niet veel fantasie bij te hebben om je een voorstelling te maken van de bijzondere akoestiek.
Wat Wood vervolgens doet, is minstens zo bijzonder. Ze concentreert zich niet zozeer op de aangeslagen pianonoten, maar juist op het geluid dat daarna overblijft. De nagalm wordt als het ware losgemaakt van de oorspronkelijke toon. Ze neemt die uitklanken op, verlengt ze en legt verschillende geluiden over elkaar heen. Zo ontstaat een soort orkest van pianoklanken, zonder dat er voortdurend herkenbare pianomelodieën nodig zijn.
Ik vind dat een bijzonder uitgangspunt. Waar andere muzikanten misschien proberen een foutje of een bijgeluid weg te werken, gebruikt Wood juist de kleine onvolkomenheden van haar oude instrument. Het geratel en de trillingen krijgen een eigen plaats. Het resultaat is muziek die soms warm en vriendelijk klinkt, maar op andere momenten behoorlijk vreemd en dreigend kan worden.
De acht composities hebben Romeinse cijfers als titel. Dat past goed bij het karakter van de plaat. Geen uitgebreide aanwijzingen of verhaaltjes vooraf, maar gewoon I tot en met VIII. Ik kan daardoor mijn eigen gedachten laten bepalen waar de muziek me naartoe brengt.
De eerste nummers vormen een rustige kennismaking met haar werkwijze. De klanken zweven door elkaar en lijken soms meer op een orgel of een koor dan op een piano. Bij III en IV wordt het geluid donkerder. Vooral de lage tonen krijgen meer ruimte. In IV zijn bovendien kerkklokken, een tin whistle en geluiden uit de omgeving verwerkt. Daardoor krijgt het geheel een heel eigen karakter. Het is alsof de kerk waarin de muziek is opgenomen nog even van zich laat horen.
Bij V (It's Haunted I Can Feel It) wordt de titel bijna vanzelfsprekend. De klanken hebben iets geheimzinnigs. Ik hoor geen traditionele melodie, maar een verzameling geluiden die langzaam in elkaar overgaan. Het is niet echt angstaanjagend, eerder een beetje onwerkelijk. De titel zorgt er wel voor dat ik met andere oren luister. Een vleugje mysterie kan nooit kwaad.
VI (Friends) vormt een aardige afwisseling. Hier gebruikt Wood ook een Yamaha Reface CP, waardoor er een ander soort klank ontstaat. Het blijft een bedachtzaam stuk, maar er komt iets meer beweging in.
Mijn twee favoriete nummers zijn VII en VIII, die allebei een 8 krijgen. De overige zes composities beoordeel ik met een 7. Dat betekent niet dat ik de eerste zes minder interessant vind. Integendeel, ze vormen samen een belangrijk onderdeel van de muzikale ontwikkeling op het album. Toch zijn het de laatste twee stukken die bij mij het meeste indruk achterlaten.
VII vind ik een bijzonder sterk moment. Na de meer ingetogen passages krijgt de muziek hier een grotere, bijna dramatische uitstraling. De verschillende klanken lijken elkaar op te zoeken en bouwen samen iets op dat bijna orkestrale vormen aanneemt. Het klinkt alsof de oude vleugel plotseling veel groter is geworden dan zijn fysieke afmetingen doen vermoeden. Voor mij is dit het moment waarop het concept van het album echt tot leven komt.
VIII (Tremolo) sluit de plaat op een mooie manier af. Het geluid trilt, beweegt en verandert voortdurend van karakter. Het lijkt soms één lange toon, maar er gebeurt binnen die toon veel meer dan je aanvankelijk zou denken. Ik vind het knap hoe Wood met zo weinig herkenbare muzikale elementen toch de aandacht weet vast te houden. Het is een afsluiting die niet nadrukkelijk om applaus vraagt, maar nog wel even in mijn hoofd blijft hangen.
Wat ik vooral waardeer aan Piano Reverb is de inventiviteit. Jasmine Wood had blijkbaar genoeg aan een oude vleugel, een bijzondere ruimte en een flinke dosis nieuwsgierigheid. Ze hoefde geen ingewikkeld muzikaal bouwwerk op te trekken om iets interessants te maken. Door één onderdeel van het pianogeluid centraal te stellen, heeft ze een eigen wereld gecreëerd.
Het is geen album dat ik opzet om ondertussen allerlei andere dingen te doen. Daarvoor vraagt het toch iets te veel aandacht. Maar op een rustig moment, wanneer ik de muziek de ruimte kan geven, werkt het uitstekend. Ik merk dat ik steeds meer kleine veranderingen en details ontdek.
Met mijn cijfers komt Piano Reverb uit op een behoorlijk mooi gemiddelde. De twee laatste nummers tillen het geheel voor mij naar een hoger niveau, maar ook de overige stukken dragen bij aan de samenhang. Ik vind het een geslaagd en origineel album dat laat horen dat een piano veel meer kan dan melodieën voortbrengen.
En misschien is dat wel de aardigste ontdekking: soms zit de interessantste muziek niet in de noot zelf, maar in wat er gebeurt nadat die noot al voorbij lijkt te zijn.
WAARDERING: 7,3