Simple Minds - Life in a Day (01-04-1979)
Ik heb een zwak voor debuutalbums. Ze voelen vaak als een eerste kennismaking waarbij een band nog niet precies weet waar de reis naartoe zal gaan. Dat geldt ook voor Life in a Day, het debuutalbum van Simple Minds uit 1979. Wie de band alleen kent van de stadionhits uit de jaren tachtig, zal misschien verbaasd zijn als dit album voor het eerst door de luidsprekers klinkt. De grote, bombastische sound waarvoor de Schotten later beroemd werden, is hier nog nauwelijks te horen. In plaats daarvan hoor ik een jonge band die nieuwsgierig is, enthousiast experimenteert en vooral veel plezier lijkt te hebben in het maken van muziek.
1979 was een bijzonder muziekjaar. Punk had de gevestigde orde flink opgeschud, maar de eerste nieuwe stromingen dienden zich alweer aan. New wave, postpunk en synthpop begonnen voorzichtig terrein te winnen. In die wereld verscheen Life in a Day. Simple Minds stond nog met één been in de energie van punk, terwijl het andere been al voorzichtig richting een melodieuzer en sfeervoller geluid stapte.
Dat maakt het album interessant. Het klinkt soms alsof de band onderweg is en onderweg steeds nieuwe afslagen ontdekt. Niet alles is even uitgewerkt, maar juist dat geeft de plaat een charmante spontaniteit.
Vanaf de eerste nummers valt op hoe fris alles klinkt. Jim Kerr zingt nog heel anders dan op de latere albums. Zijn stem heeft iets jeugdigs en speels. Hij zoekt regelmatig de hoogte op en klinkt minder gedragen dan in de jaren daarna. Charlie Burchill laat ondertussen horen dat hij nu al een gitarist met gevoel voor melodie is. Zijn spel is nergens overdreven ingewikkeld, maar hij weet met kleine accenten veel sfeer neer te zetten.
De titeltrack Life in a Day zet meteen de toon. Het is een vrolijk en energiek nummer dat bijna dansbaar is. Er zit een optimisme in dat mooi past bij een groep jonge muzikanten die aan het begin van hun carrière staat. Het nummer heeft misschien niet de diepgang van later werk, maar wel een aanstekelijke frisheid.
Op meerdere momenten hoor ik invloeden van bands als Roxy Music, David Bowie en Magazine. Toch blijft Simple Minds voldoende eigen gezicht houden. De combinatie van hoekige gitaren, springerige baslijnen en melodieuze toetsen zorgt ervoor dat het album nergens als een kopie voelt.
Wat ik leuk vind aan deze plaat is dat de nummers niet proberen groter te zijn dan ze zijn. Er is geen drang om meteen een stadion te vullen. De muziek voelt eerder alsof de band in een middelgrote concertzaal staat, dicht bij het publiek. Ik kan me voorstellen dat juist daar de eerste fans enthousiast begonnen te worden.
Natuurlijk hoor je ook dat de band nog zoekende is. Sommige nummers blijven minder hangen dan andere. Af en toe lijkt een idee nét iets eerder te stoppen dan ik zou willen. Maar eigenlijk vind ik dat geen nadeel. Het past bij een debuut. Je hoort een groep die nog niet alle antwoorden heeft, maar wel veel goede vragen stelt.
De productie klinkt naar hedendaagse maatstaven behoorlijk sober. Dat heeft ook zijn charme. Er zijn geen enorme lagen synthesizers of massieve drums die alles dichtplamuren. Elk instrument krijgt voldoende ruimte. Daardoor klinkt het album eerlijk en direct.
Wie de latere meesterwerken zoals Empires and Dance, Sons and Fascination of New Gold Dream kent, zal ongetwijfeld merken dat Life in a Day een heel andere sfeer heeft. Toch zijn er kleine aanwijzingen te vinden van wat later zou komen. Soms hoor ik een akkoordwisseling of een melodielijn die al vooruitwijst naar de meer dromerige stijl waarmee de band beroemd werd.
Het is eigenlijk een beetje alsof je oude vakantiefoto's bekijkt van iemand die later wereldberoemd werd. De glimlach is dezelfde, de blik herken je direct, maar de persoon is nog volop in ontwikkeling. Juist dat maakt zo'n terugblik leuk.
Commercieel was Life in a Day geen wereldsensatie, maar in Schotland en het Verenigd Koninkrijk trok de plaat voldoende aandacht om de band een stevige basis te geven. Misschien nog belangrijker was dat Simple Minds hierdoor de kans kreeg om verder te groeien. Zonder dit eerste album waren de latere klassiekers waarschijnlijk nooit ontstaan.
Ik stel me soms voor hoe Jim Kerr en Charlie Burchill destijds de studio verlieten. Waarschijnlijk hadden ze geen idee dat ze enkele jaren later in uitverkochte stadions zouden spelen. Misschien hoopten ze gewoon dat mensen hun muziek zouden waarderen. Dat bescheiden begin hoor ik nog altijd terug in deze plaat.
Na zoveel jaren klinkt Life in a Day misschien niet meer vernieuwend, maar wel verrassend levendig. De energie spat nog steeds uit de speakers. Het album ademt nieuwsgierigheid en jeugdige bravoure. Dat zijn eigenschappen die nauwelijks verouderen.
Wat ik uiteindelijk vooral meeneem uit dit album, is het enthousiasme. Simple Minds probeert van alles, zonder zich druk te maken over verwachtingen of succes. Soms pakt een experiment iets beter uit dan een ander, maar vervelen doet het eigenlijk nooit. De band klinkt hongerig, alsof iedere nieuwe song weer een ontdekkingstocht is.
Daarom zie ik Life in a Day niet als een vergeten voorloper van de grote hits, maar als een waardevol hoofdstuk op zichzelf. Het is een album waarop vijf jonge Schotten hun muzikale horizon verkennen. Nog zonder bombast, nog zonder wereldhits, maar met een flinke dosis talent en ambitie. Achteraf bekeken is het misschien niet het bekendste album van Simple Minds, maar wel een van de meest ontwapenende. Juist omdat het zo eerlijk laat horen hoe een grote band ooit heel klein begon.
WAARDERING: 6,7