Tabernis - Seasons of the Dark Hive (24-04-2026)

Ik vind Seasons of the Dark Hive een bijzonder debuutalbum. Vanaf de eerste minuten is duidelijk dat Tabernis niet probeert om moderne folk of folkmetal te maken. In plaats daarvan kiest het Belgische duo voor een volledig eigen aanpak. De muziek bestaat bijna helemaal uit traditionele instrumenten zoals de doedelzak en de davul, een grote trom die zorgt voor een stevig ritme. Daardoor klinkt het album alsof het uit een ver verleden komt, maar toch voelt het nergens ouderwets. Ik begrijp goed waarom veel recensenten de sfeer van het album als de grootste kracht zien.

Het album draait om het verhaal van de Dark Hive, een mysterieuze bijenkorf die symbool staat voor natuur, samenwerking en oude tradities. Dat thema komt overal terug. Niet alleen in de titels van de nummers, maar ook in de muziek zelf. Af en toe hoor ik het gezoem van bijen of rustige achtergrondgeluiden die ervoor zorgen dat ik helemaal in deze wereld word meegenomen. Het voelt soms alsof ik door een donker bos wandel, waarna ik uitkom bij een oud dorp waar een eeuwenoud ritueel wordt uitgevoerd.

De opening met Sanctus krijgt van mij een 9 en zet meteen de juiste toon. Het nummer klinkt plechtig en geheimzinnig. De doedelzak klinkt krachtig zonder overheersend te worden en de trom geeft het geheel een rustig maar stevig tempo. Het is een perfecte introductie die nieuwsgierig maakt naar de rest van het album.

Daarna volgt Tenebrae, dat ik beoordeel met een 7. Het nummer houdt de donkere sfeer vast, maar voelt iets eenvoudiger aan dan de opener. Toch blijft de repeterende melodie prettig om naar te luisteren.

Met Noctilis stijgt het niveau weer. Dit nummer krijgt van mij een 8. Het is één van de meest sfeervolle composities van de plaat. De langzame opbouw en de mysterieuze melodie zorgen ervoor dat ik helemaal in de muziek op ga. Dit is precies het soort nummer waarin Tabernis laat horen hoe sterk de band is in het neerzetten van een bijzondere sfeer.

Ook Mel Obscurum (Palästinalied) krijgt een 8. Ik vind het knap hoe Tabernis een eeuwenoude melodie gebruikt zonder dat het klinkt als een geschiedenisles. De band geeft het stuk een eigen identiteit. Daardoor voelt het historisch én fris tegelijk.

Sylvanot waardeer ik eveneens met een 8. Hier hoor ik opnieuw hoe goed de band spanning en rust weet af te wisselen. De melodie blijft gemakkelijk hangen zonder eenvoudig te worden. Een echte middeleeuws aanvoelende dansklassieker.

Niet ieder nummer bereikt hetzelfde hoge niveau. Verbah Oblitah krijgt van mij een 6. Het is meer een ondersteunend verhaal met de muziek als zachte ondertiteling. Gelukkig duurt het niet lang voordat de kwaliteit weer omhoog gaat.

Aurora verdient namelijk weer een 7. Dit is een mooi ijkpunt op het album. De snelle muziek ademt een bijna meditatieve sfeer uit en laat zien dat Tabernis ook zonder veel bombarie kan overtuigen.

Een absoluut hoogtepunt vind ik Florenscentia, dat van mij een 9 krijgt. Dit nummer heeft een levendige energie en voelt bijna feestelijk aan. Ik zie tijdens het luisteren moeiteloos een middeleeuws dorpsplein voor me waar mensen dansen en feest vieren. Ondanks de vrolijkere toon blijft de mysterieuze sfeer behouden.

Met Apem Vidi (Ai Vist Lo Lop) volgt opnieuw een degelijk nummer dat ik beoordeel met een 7. Ook hier verwerkt Tabernis historische invloeden op een natuurlijke manier. Het nummer past uitstekend binnen het concept, al springt het er iets minder uit.

Daarna komt Lupanar Apum, dat voor mij een 8 verdient. Vooral het krachtige slagwerk maakt indruk. De davul geeft het nummer veel energie, terwijl de doedelzak een sterke melodie neerzet. Het is één van de krachtigste composities van het album.

Ook Apiare krijgt een 8. Dit is juist weer een rustiger nummer waarin de sfeer belangrijker is dan het tempo. De muziek werkt bijna hypnotiserend en laat horen hoe weinig instrumenten er eigenlijk nodig zijn om een rijk klankbeeld te maken.

Hive Dance (Bransle du Maître de la Maison) beoordeel ik met een 7. Het dansbare karakter maakt dit een prettig en toegankelijk nummer. De historische oorsprong is duidelijk hoorbaar, maar Tabernis geeft er een eigen draai aan.

Meliferum krijgt eveneens een 7. Het houdt het niveau vast en vormt een mooie overgang naar het slot van het album. De melodie is wat trager maar wel aangenaam, maar mist in mijn beleving het iets van de spanning van de sterkste nummers.

Met Calcinae gaat het niveau weer omhoog. Dit nummer krijgt van mij een 8. Hier hoor ik opnieuw de sterke combinatie van ritme en melodie die Tabernis zo herkenbaar maakt. Hoewel ook nu het tempo wat lager ligt klinkt de muziek krachtig zonder druk te worden.

Het album sluit af met Apes Saltis, dat samen met de opener en Florenscentia mijn favoriete nummer is. Ook dit krijgt een 9. Het voelt als een waardige afsluiting van de reis door de wereld van de Dark Hive. De muziek klinkt energiek, sfeervol en overtuigend. Het is een slot dat nog lang blijft hangen.

Wat mij vooral aanspreekt, is dat Tabernis een heel eigen identiteit heeft. De band probeert niet modern of commercieel te klinken, maar kiest bewust voor een sobere aanpak. Dat levert een album op dat heel herkenbaar is. Tegelijk begrijp ik ook de kritiek die in verschillende recensies terugkomt. Vijftien nummers met grotendeels dezelfde instrumenten zorgen ervoor dat sommige stukken wat op elkaar lijken. Een iets kortere speelduur had de impact misschien nog groter gemaakt.

Toch vind ik dat de sterke punten ruimschoots overheersen. De sfeer is uitzonderlijk goed, de historische invloeden zijn smaakvol verwerkt en de uitvoering is overtuigend. De muziek voelt oprecht en laat horen dat Tabernis precies weet welke wereld het wil neerzetten. Seasons of the Dark Hive is daardoor een debuut dat zich duidelijk onderscheidt van veel andere folkalbums. Voor liefhebbers van middeleeuwse muziek, dark folk en sfeervolle instrumentale albums is dit een plaat die veel te bieden heeft en die bij iedere luisterbeurt weer nieuwe details laat ontdekken.

WAARDERING: 7,7